Ranzig: waar komt dat woord eigenlijk vandaan?

Onze Nederlandse taal kent vele prachtige woorden. Iedere woensdag plaatsen we hier een stukje over de herkomst van een woord. Vandaag staat ranzig in de schijnwerpers. Waar komt het woord vandaan en wat betekent het nou precies?

Gadver, dat is echt ranzig man. Ik ga dat echt niet eten. Wie houdt er nou van zuurkool? Bah, bah!

Ranzig, het is een woord dat we te pas en te onpas gebruiken, maar weten we eigenlijk wel waar het vandaan komt en gebruiken we het wel in de goede context?

Ranzig stemt af van het Franse woord rance, wat muf of stinkend betekent. Het werd al in 1599 gebruikt om slecht ruikende, sterk smakende stoffen en olieachtige substantie mee aan te duiden. In die tijd werd het nog uitgesproken als ranstig (1). Het woord ranzig heeft in de loop van jaren zelfs een plaats gekregen in het Papiaments. Daar spreekt men van rans als ze het over sterk smakend voedsel hebben.

In het Nederlands zien we de laatste jaren dat het woord een andere betekenis begint te krijgen. We spreken al snel over ranzig als we iets vies of smerig vinden: “Die kamer is echt ranzig.” Het Van Dale spreekt dan ook niet alleen meer over in het eerste stadium van bederf verkeren, maar ook van het van een slechte smaak getuigen. In het geval van zuurkool, dat gefermenteerd is, of een vieze kamer mogen we dus inderdaad spreken van ranzig.

Ben jij nou ook benieuwd naar de herkomst van een bepaald woord? Laat het dan zeker weten. Je kan hier een verzoekje insturen en wie weet heb je dan volgende week je antwoord.


 

1: Sijs, P. v. (1997). Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden. Utrecht/Antwerpen: Van Dale Lexicografie.