Trauma: waar komt dat woord eigenlijk vandaan?

Onze Nederlandse taal kent vele prachtige woorden. Iedere woensdag plaatsen we hier een stukje over de herkomst van een woord. Vandaag staat Trauma in de schijnwerpers. Waar komt het woord vandaan en wat betekent het nou precies?

“Ik ben zo geschrokken, echt ik heb een trauma opgelopen.”

Trauma, het is een woord dat we allemaal kennen. We gebruiken het om letsel aan te wijzen, zowel lichamelijk als geestelijk. Het woord heeft een zeer negatieve klank omdat het iets ernstigs insinueert. Waar komt dat vandaan en wat betekent het nou echt?

Van Dale omschrijft een trauma zoals we het in de volksmond kennen. Een verwonding of een hevige geestelijke aandoening die een stoornis veroorzaakt De laatste omschrijving wordt tegenwoordig steeds vaker gehanteerd. Toch gebruikte we het woord trauma tot 1778 alleen maar om een verwonding of kwetsuur aan te duiden. Daarna ging men spreken van een psychische trauma of zware schrik, aldus de Etymologiebank.

Het woord stamt af van het Griekse woord traūma, dat wond betekent, maar vandaag de dag zie je het woord in vele talen terug. In het Engels, Duits en zelfs Menadonees. Ook daar wordt het voornamelijk gebruikt om de psychische toestand te verwoorden. Ofwel, de verwonding van de ziel.

Ben jij nou ook benieuwd naar de herkomst van een bepaald woord? Laat het dan zeker weten. Je kan hier een verzoekje insturen en wie weet heb je dan volgende week je antwoord.